UNICEF: 1 op 2 jongeren in Nederland ziet discriminatie op basis van huidskleur of afkomst

15 december 2023

Bijna de helft van alle kinderen en jongeren in Nederland heeft zelf gezien dat andere leeftijdsgenoten gediscrimineerd werden op basis van huidskleur of afkomst. Hoewel veel jongeren discriminatie zien en ervaren op school, missen ze daar een geschikte plek om een melding te maken. Het zijn de zorgelijke uitkomsten van een representatieve peiling van UNICEF Nederland onder meer dan 1000 jongeren (10 - 18 jaar) in Nederland.

nederlandse-kinderen.jpg

Uit de peiling blijkt dat kinderen en jongeren vooral op school (83 procent) veel discriminatie ervaren. Maar ook op straat zien zij discriminatie en racisme (53 procent). In de drie grootste steden (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag) zien en ervaren kinderen het vaakst discriminatie. Bijna 80 procent van de jongeren wil dat er meer wordt gedaan om discriminatie aan te pakken.

Hoewel de school door een derde van de jongeren wordt gezien als de beste plek om een melding te doen, wordt slechts 13 procent ‘formeel ’gemeld op school, bijvoorbeeld bij een docent of vertrouwenspersoon. Jongeren geven aan behoefte te hebben aan een laagdrempeligere en anonieme manier om op school een melding te doen. Een docent of vertrouwenspersoon wordt door veel jongeren als een te hoge drempel ervaren. “Het is vaak moeilijk om naar een docent te gaan, omdat je toch een soort band, hiërarchie of relatie hebt met je docent”, geeft een van de jongeren aan. Op de vraag met wie jongeren hebben gesproken nadat zij discriminatie zagen of zelf meemaakten, antwoordde 42 procent met hun ouders.

nederlandse-kinderen.jpg

In een recente focusgroepsdiscussie tussen jongeren georganiseerd door de Nationaal Coördinator Discriminatie en Racisme, UNICEF Nederland en het Kinderrechtencollectief, zeiden alle aanwezige jongeren dat ze discriminatie zagen of zelf meemaakten. “Ik mag soms niet meedoen in een spel. Dan zeggen ze: ‘Er mogen geen kinderen meedoen met een lichte huidskleur’.” Jongeren zeggen dat discriminatie vaak verpakt zit in een grap: “Mijn vrienden blijven soms grappen maken. Als ze hun fiets kwijt zijn, zeggen ze bijvoorbeeld ‘Geef de fiets terug die je hebt gestolen’. Ik probeer nu vaker mijn grenzen aan te geven bij mijn vrienden en te vertellen dat ik zo’n grap ook niet leuk vindt.”, geeft een van de jongeren aan.

Suzanne Laszlo, directeur UNICEF Nederland: “Deze uitkomsten laten zien dat we allemaal, overheid, scholen, ouders en organisaties, veel meer met elkaar in gesprek moeten gaan over discriminatie en racisme en hoe we dit kunnen tegengaan”.

Jongerenopiniepeiling UNICEF

UNICEF voert jaarlijks meerdere representatieve peilingen uit onder minimaal 1000 jongeren (10 - 18 jaar). Zo onderzoekt de kinderrechtenorganisatie hoe jongeren denken over uiteenlopende maatschappelijke onderwerpen.