Meer dan 380.000 kinderen zonder school in Noord-Mali

18 december 2015

BAMAKO/VOORBURG, 18 december 2015 – In de onveilige regio’s van Noord-Mali gaan meer dan 380.000 kinderen tussen de 7 en 15 jaar niet naar school door de verslechterende veiligheidssituatie. Dat blijkt uit cijfers die UNICEF vandaag naar buiten brengt.

“In het noorden van Mali kennen kinderen maar al te goed de gevolgen van conflict en armoede”, zegt Fran Equiza, UNICEF vertegenwoordiger in Mali. “Onderwijs en educatie is hun hoop voor de toekomst”.

In conflict gebieden in Noord-Mali zijn meer dan 280 scholen gesloten. Veel van deze scholen zijn voor het derde achtereenvolgende jaar dicht en zijn verwoest of bezet door strijdende groepen. In Kidal, één van de zwaarst getroffen gebieden, is zelfs 79 procent van de scholen gesloten. De route van huis naar school is voor kinderen onveilig en ouders zien zich genoodzaakt kinderen thuis te laten uit vrees dat hun kinderen door onontplofte granaten of andere oorlogsoverblijfselen worden geraakt.

Het geweld heeft daarnaast een tekort aan docenten veroorzaakt; meer dan 600 leraren zijn conflictgebieden in Mali ontvlucht of willen niet meer lesgeven vanwege het veiligheidsrisico.

UNICEF helpt kinderen weer naar school te gaan met de tweejarige campagne ‘Elk kind telt’ in de regio’s rondom Gao, Kidal, Mopti, Segou en Timbuktu. De campagne omvat:

-Trainings- en opleidingsmogelijkheden en leermateriaal voor 2.000 docenten

-Kits voor leerlingen en kits voor scholen die 100.000 kinderen bereiken

-Vredesopbouw activiteiten voor 100.000 kinderen en 10.000 brochures (voor leerlingen en gemeenschappen) die vrede en non-discriminatie promoten.

Tijdens de campagne zullen ook alternatieve lesprogramma’s worden aangeboden zoals radio-lessen voor kinderen die niet op school zitten. Scholen worden weer opgebouwd en kinderen krijgen informatie over onontplofte bommen/granaten.

Meer dan 1.4 miljoen kinderen (1 op de zes) worden door de crisis getroffen, 62.000 mensen zijn ontheemd en 139.000 zijn naar buurlanden gevlucht.

Ondanks de hoge nood worden de activiteiten van UNICEF in Mali gehinderd door beperkte toegang en financiën. UNICEF heeft minder van 1/3e deel van de 37 miljoen euro die nodig is (voor onderwijs, bescherming, water en voeding) ontvangen.

“De droom om aan een beter toekomst voor Malinese kinderen te werken, hangt af van de actie die nu ondernomen wordt” aldus Equiza. “Betere toegang voor humanitaire hulp en meer geld kunnen niet snel genoeg komen voor hen die al zo lang in armoede leven. Onderwijs geeft hun hoop op een betere toekomst”.