Waarom lijken er zoveel aardbevingen te zijn? Dit is de impact op kinderen

31 augustus 2026

In het kort antwoord: aardbevingen lijken de laatste tijd vaker voor te komen, maar het aantal zware aardbevingen blijft volgens deskundigen al jarenlang relatief stabiel. We horen er vooral meer over door betere meetapparatuur, snellere nieuwsverspreiding en beelden op sociale media. Voor kinderen kunnen de gevolgen groot zijn: zij kunnen hun huis, school, toegang tot schoon drinkwater, zorg en gevoel van veiligheid verliezen. UNICEF helpt met noodhulp, bescherming, onderwijs, tijdelijke leerplekken en psychosociale ondersteuning.

Binnen enkele seconden kan een aardbeving het leven van een kind ingrijpend veranderen. Scholen raken beschadigd, gezinnen verliezen hun huis en toegang tot schoon water, gezondheidszorg en bescherming kan onder druk komen te staan. Dat gebeurde onlangs in Venezuela en Colombia. Duizenden mensen werden geraakt en voor veel kinderen veranderde het dagelijks leven van de ene op de andere dag.

Zulke gebeurtenissen roepen vragen op. Hoe ontstaan aardbevingen? Waarom lijken ze nu zo vaak in het nieuws te zijn? En hoe zorgt UNICEF ervoor dat hulp zo snel mogelijk bij kinderen terechtkomt wanneer een ramp toeslaat?

Hoe ontstaat een aardbeving? 

Een aardbeving is een plotselinge trilling of schokkende beweging van de aardkorst, de buitenste laag van de aarde waarop wij leven. 

Aardbevingen ontstaan doordat de aarde uit verschillende grote plaatdelen bestaat die voortdurend bewegen. Op plekken waar deze platen elkaar raken, zogenaamde breuklijnen, bouwt zich spanning op. Wanneer die spanning plotseling vrijkomt, ontstaat een krachtige trilling: een aardbeving. Daardoor worden sommige gebieden, zoals delen van Zuid-Amerika en Azië, vaker getroffen dan andere regio's. 
Hoe groot de gevolgen zijn, hangt af van de kracht van de aardbeving en de plek waar deze plaatsvindt. In dichtbevolkte gebieden kunnen gebouwen instorten, wegen beschadigd raken en belangrijke voorzieningen uitvallen. Vaak blijft het niet bij één schok. In de dagen of zelfs weken na een aardbeving kunnen naschokken volgen, die extra schade veroorzaken en voor veel angst en onzekerheid zorgen bij getroffen gezinnen.  

Waarom horen we nu zoveel over aardbevingen? 

Het kan lijken alsof aardbevingen steeds vaker voorkomen. Volgens de U.S. Geological Survey komt dat vooral doordat er meer en betere meetapparatuur is, kleinere bevingen vaker worden geregistreerd en nieuws en beelden sneller wereldwijd worden gedeeld. Jaarlijks worden wereldwijd ongeveer 20.000 aardbevingen geregistreerd, maar de meeste zijn te klein om grote schade te veroorzaken. Het langjarige gemiddelde voor zware aardbevingen blijft relatief stabiel. 

Wat wél verandert, is hoe snel wij de gevolgen zien. Een aardbeving in een dichtbevolkt gebied, dichtbij kwetsbare gebouwen of met veel naschokken kan enorme schade veroorzaken. Daardoor krijgen sommige rampen terecht veel aandacht, ook als het totale aantal zware aardbevingen wereldwijd niet structureel toeneemt.

Recente en ingrijpende aardbevingen:
wat laten ze zien? 

Recente aardbevingen in Venezuela en Colombia laten zien hoe groot de impact op kinderen kan zijn. In juni 2026 werd Venezuela getroffen door twee zware aardbevingen met een kracht van 7,2 en 7,5. Volgens beschikbare noodhulpcijfers hebben ongeveer 680.000 kinderen behoefte aan humanitaire hulp. Scholen, woningen en andere belangrijke voorzieningen raakten beschadigd. 

Ook Colombia werd recent getroffen door een zware aardbeving. Honderden scholen raakten beschadigd en de toegang tot onderwijs, gezondheidszorg, schoon water en communicatie werd voor veel gezinnen verstoord. 

Deze gebeurtenissen laten zien dat de gevolgen van een aardbeving veel verder reiken dan de eerste schok. Het herstel van woningen, scholen en essentiële voorzieningen kan maanden of zelfs jaren duren. 

Recente aardbevingen

Colombia (10 augustus 2026)

Kracht: 7,4

Volgens UNICEF vielen er 181 doden, werden 195 mensen vermist en raakten meer dan 2.595 mensen gewond. De beving beschadigde naar schatting 796 scholen en verstoorde toegang tot water, elektriciteit, onderwijs, gezondheidszorg en communicatie in de zwaarst getroffen gebieden.

Venezuela (24 juni 2026)

Kracht: 7,2 en 7,5

Meer dan drie weken na de ramp rapporteerden officiële cijfers 5.208 doden, 16.740 gewonden en 17.907 mensen zonder huisvesting. Volgens UNICEF hadden 1,8 miljoen mensen humanitaire hulp nodig, waaronder 680.000 kinderen.

Turkije en Syrië (6 februari 2023)

Kracht: 7,8 en 7,5

Meer dan 50.000 mensen kwamen om. De wederopbouw duurt jaren door de enorme schade aan woningen, voorzieningen en infrastructuur.

Nepal (25 april 2015)

Kracht: 7,8

Meer dan één miljoen kinderen hadden urgente humanitaire hulp nodig en duizenden klaslokalen werden verwoest of zwaar beschadigd.

Waarom zijn kinderen extra kwetsbaar na een aardbeving? 

Wanneer een aardbeving toeslaat, verliezen kinderen soms niet alleen hun huis, maar ook hun gevoel van veiligheid. Scholen kunnen beschadigd raken of sluiten, gezinnen kunnen van elkaar gescheiden raken en de toegang tot schoon drinkwater, gezondheidszorg en bescherming kan wegvallen. Tegelijkertijd laten kinderen vaak een enorme veerkracht zien wanneer zij de juiste ondersteuning krijgen van hun familie, gemeenschap en hulpverleners. 

Naast de fysieke gevolgen hebben aardbevingen vaak ook een grote emotionele impact. Kinderen maken plotselinge en ingrijpende gebeurtenissen mee die nog lang kunnen doorwerken. Daarom zijn bescherming, een veilige plek, steun van vertrouwde volwassenen en psychosociale ondersteuning een belangrijk onderdeel van noodhulp

Hoe bereidt UNICEF zich voor op een ramp? 

UNICEF komt niet pas in actie nadat een ramp heeft plaatsgevonden. De organisatie werkt wereldwijd samen met overheden, lokale partners en gemeenschappen om voorbereid te zijn op noodsituaties. Ook beschikt UNICEF over internationale logistieke netwerken en noodvoorraden met essentiële hulpgoederen die snel kunnen worden ingezet wanneer een ramp toeslaat. 

Dankzij deze voorbereiding kan UNICEF snel opschalen wanneer een crisis ontstaat. In veel landen zijn UNICEF-medewerkers al aanwezig vóór een ramp plaatsvindt. Daardoor kunnen levensreddende hulpgoederen en ondersteuning sneller terechtkomen bij kinderen en gezinnen die hulp nodig hebben. 

Die voorbereiding is alleen mogelijk dankzij langdurige samenwerking met lokale partners, investeringen in logistiek en de steun van structurele donateurs die noodhulp mogelijk maken. 

UNICEF medewerker Karin Hulshof met een meisje in Nepal.

Luistertip: Wanneer de aarde beeft

Wat doe je als de aarde letterlijk onder je voeten wegvalt? In de UNICEF-podcast Op mijn Netvlies vertelt Karin Hulshof over de verwoestende aardbeving in Nepal en de enorme humanitaire operatie die daarop volgde. Een persoonlijk verhaal over noodhulp, veerkracht en de impact van een ramp op kinderen. Beluister de aflevering op Spotify.

Wat doet UNICEF bij een aardbeving? 

Wanneer een aardbeving toeslaat, telt iedere minuut. UNICEF kan dan snel hulp opschalen dankzij een wereldwijd logistiek netwerk en noodvoorraden met essentiële hulpgoederen. Via dit netwerk kunnen levensreddende hulpgoederen snel worden aangevoerd naar getroffen gebieden.  

Wanneer een aardbeving plaatsvindt, werkt UNICEF samen met overheden, lokale partners en gemeenschappen om kinderen en gezinnen zo snel mogelijk te bereiken. Daarbij ligt de focus op de behoeften van kinderen, die na een ramp vaak extra kwetsbaar zijn. 

UNICEF biedt hulp met onder andere: 

  • Schoon drinkwater;
  • Hygiënepakketten;
  • Medische materialen;
  • Tijdelijke leerplekken;
  • Psychosociale ondersteuning;
  • Bescherming voor kinderen die extra kwetsbaar zijn geworden door de ramp.  

Maar hulp gaat verder dan alleen materiële ondersteuning. UNICEF helpt ook kinderen die van hun familie zijn gescheiden en ondersteunt gemeenschappen bij het herstel van onderwijs, gezondheidszorg, schoon water en psychosociale hulp. Zo krijgen kinderen zo snel mogelijk weer toegang tot een veilige omgeving, onderwijs en de ondersteuning die zij nodig hebben om verder te

Een veilige plek na de aardbeving

In Venezuela werkt UNICEF samen met lokale partners aan Child Friendly Spaces: kindvriendelijke ruimtes waar kinderen kunnen spelen, leren en praten over wat zij hebben meegemaakt. Zulke veilige plekken bieden structuur en helpen kinderen stap voor stap om weer grip te krijgen op hun dag. 

Yonaiker Del Rosario, Protection Coordinator, ziet dagelijks hoe belangrijk die ondersteuning is. “In noodsituaties is het noodzakelijk om aandacht te besteden aan gezondheid en huisvesting, maar we mogen de emoties nooit vergeten.” Volgens hem kunnen kindvriendelijke ruimtes kinderen helpen om hun gedachten even te verzetten, zich veilig te voelen en langzaam te herstellen van wat zij hebben meegemaakt.

Venezuela noodhulp unicef

Ook als het nieuws verdwijnt, blijft hulp nodig 

De eerste beelden van een ramp verdwijnen vaak snel uit het nieuws. Maar voor getroffen gezinnen begint dan pas een lange periode van herstel. Scholen moeten worden hersteld, waterleidingen gerepareerd en kinderen ondersteund bij het verwerken van wat zij hebben meegemaakt. 

Daarom blijft UNICEF vaak maanden of zelfs jaren actief in getroffen gebieden om kinderen te helpen weer toegang te krijgen tot onderwijs, bescherming, gezondheidszorg en een veilige omgeving. 

Aardbevingen zijn niet te voorkomen. Wel kunnen we ervoor zorgen dat kinderen na een ramp zo snel mogelijk weer toegang krijgen tot bescherming, onderwijs, gezondheidszorg en schoon water. Juist in de eerste dagen en weken na een ramp kan die ondersteuning een groot verschil maken voor de toekomst van een kind. 

Daarom staat UNICEF wereldwijd klaar om kinderen te ondersteunen. Niet alleen tijdens de acute noodfase, maar ook in de periode van herstel die daarop volgt. Samen met lokale partners en gemeenschappen werkt UNICEF eraan dat kinderen zo snel mogelijk weer kunnen leren, spelen en opgroeien in een veilige omgeving. Uw steun helpt om die hulp mogelijk te maken: vóór, tijdens en na een ramp. 

Hoe kunt u helpen na een aardbeving? 

U kunt op verschillende manieren bijdragen aan hulp voor kinderen die getroffen zijn door een aardbeving. Niet alleen direct na een ramp, maar ook tijdens de lange periode van herstel die volgt. 

Zo kunt u helpen na een aardbeving: 

  • Blijf goed geïnformeerd. Volg betrouwbare bronnen en deel feitelijke informatie over de impact van aardbevingen op kinderen. 
  • Vraag aandacht voor kinderen in nood. Door aandacht te blijven vragen voor getroffen kinderen helpt u mee voorkomen dat een ramp wordt vergeten zodra deze uit het nieuws verdwijnt. 
  • Kom zelf in actie. Organiseer bijvoorbeeld een inzamelingsactie of steun een bestaand initiatief voor kinderen die door een ramp zijn getroffen. 
  • Steun betrouwbare hulporganisaties. Organisaties zoals UNICEF kunnen dankzij financiële steun snel hulp bieden waar die het hardst nodig is. Financiële bijdragen zijn vaak het meest effectief, omdat hulporganisaties hiermee lokaal kunnen inkopen wat op dat moment nodig is. 

Dankzij die steun kan UNICEF kinderen en gezinnen helpen vóór, tijdens en na een noodsituatie. Van noodhulp en bescherming tot onderwijs, psychosociale ondersteuning en herstel op langere termijn 

Veelgestelde vragen over aardbevingen en kinderen