Geweld en ondervoeding in Nigeria

Nigeria wordt getroffen door geweld en voedseltekorten. Miljoenen mensen zijn door de crisis geraakt en hebben onmiddellijk hulp nodig. UNICEF probeert zoveel mogelijk kinderen te voorzien van voeding, medische hulp, schoon drinkwater en onderwijs.

Wat is er aan de hand?

Drie jaar geleden escaleerde het conflict tussen overheidstroepen en gewapende eenheden van Boko Haram. Niet alleen Nigeria, maar ook Tsjaad, Niger en Kameroen kampen met de gevolgen van de complexe humanitaire crisis. Miljoenen mensen zijn op de vlucht. Zij worden grotendeels opgevangen in dezelfde regio, die al geldt als een van de armste ter wereld.

De humanitaire crisis wordt verergerd door de armoede die voortkomt uit de economische depressie en het gewapende conflict. Bovendien bedreigt klimaatverandering de levens van lokale gemeenschappen, die voor hun levensonderhoud afhankelijk zijn van het Tsjaad-meer. Op dit moment bestaat die nog maar uit een tiende van zijn oorspronkelijke oppervlakte. Er is een ernstig tekort aan voedsel en schoondrinkwater, scholen zijn dicht en ziektes liggen op de loer. Een onmiddellijke opschaling van de humanitaire ondersteuning is dus noodzakelijk.

UNICEF zorgt voor noodscholen in vluchtelingenkampen, zoals hier in Maiduguri. Op die manier kunnen kinderen toch naar school blijven gaan.

UNICEF in Nigeria en de regio

UNICEF werkt samen met de Nigeriaanse overheid en andere partners om zoveel mogelijk kinderen te bereiken. In de getroffen gebieden ondersteunt UNICEF het opzetten van voedingscentra. Daar krijgen kinderen krachtvoeding en voedingssupplementen om ernstige, acute ondervoeding tegen te gaan. Hiermee kunnen honderdduizenden levens worden gered. Ook wordt er gezorgd voor schoon drinkwater en goede sanitaire voorzieningen. Daarnaast zet UNICEF (tijdelijke) gezondheidscentra op. Hier krijgen mensen voorlichting over hygiëne en worden kinderen ingeënt tegen ziektes, zoals polio.

Veel kinderen gaan al jaren niet meer naar school, terwijl onderwijs van fundamenteel belang is om het normale leven weer op te pakken en te herstellen van de verschrikkingen die ze hebben meegemaakt. Daarom zorgt UNICEF voor veilige leerruimtes en schoolmaterialen. Daarnaast worden docenten getraind en wordt de kwaliteit van het onderwijs gecontroleerd. Ook licht UNICEF ouders in over het belang van onderwijs voor de toekomst van hun kind. Op die manier hopen we zoveel mogelijk kinderen, en vooral ook meisjes, in de schoolbanken te krijgen.

In conflictgebieden wordt er alles aan gedaan om kinderen te beschermen tegen geweld en uitbuiting. Zo krijgen overheidslegers en lokale sociaal werkers trainingen om hun vaardigheden wat betreft kinderbescherming in gewapende conflicten te verbeteren. Daarnaast worden kinderen met psychosociale hulp bijgestaan. Op die manier kunnen ze hun afschuwelijke ervaringen delen en verwerken. Dit is onmisbaar om het normale leven weer op te bouwen. Verder krijgen kinderen en ouders in oorlogsgebieden voorlichting over de gevaren voor kinderen, zoals uitbuiting en onontplofte mijnen.

Het conflict in Nigeria in cijfers
  • 8,5 miljoen mensen hebben hulp nodig, waaronder 4,4 kinderen
  • In de staten Borno, Adamawa en Yobe zijn 1,6 miljoen mensen op de vlucht
  • 400.000 kinderen zijn ernstig ondervoed

In 2016 hebben we in Nigeria onder andere het volgende bereikt:

150+
duizend

kinderen werden in behandeld tegen ernstige, acute ondervoeding

4,2
miljoen

mensen zijn bereikt met spoedeisende, primaire gezondheidszorg

200+
duizend

kinderen ontvingen schoolspullen, zoals boeken, pennen en schriften

1,1
miljoen

mensen kunnen gebruikmaken van verbeterde sanitaire voorzieningen

De thuiskomst na Boko Haram

In het conflict in het noordoosten van Nigeria komt seksueel geweld tegen meisjes en vrouwen nog veel voor. Honderden vrouwen en meisjes zijn verkracht door strijders van Boko Haram. Veel van hen worden ontvoerd, moeten onder dwang trouwen met hun ontvoerders en worden zwanger als gevolg van verkrachting. Wanneer de meisjes terugkeren naar hun dorp is de nachtmerrie nog niet over.

De Kameroense Khadija* (17) bezocht haar moeder in Nigeria toen strijders van Boko Haram haar ontvoerden. Khadija werd opgesloten en gedwongen om te trouwen. “Als je niet met ons trouwt, vermoorden we je’, zeiden ze. Ik antwoordde dat ik niet zou trouwen, ook al zouden ze me dan vermoorden. Een maand later zeiden ze dat ze me hadden laten trouwen, of ik het nu wilde of niet.’

Tijdens een militaire operatie van het Nigeriaanse leger wist Khadija te ontsnappen en verschool zich in het bos. Soldaten vonden haar en uiteindelijk werd ze naar een kamp voor ontheemden gebracht. De gemeenschap daar reageerde afwijzend. ‘Sommige vrouwen sloegen me, of joegen me weg. Overal waar ik kwam, mishandelden ze me. Er was niemand die me hielp.’

Door het seksueel geweld van Boko Haram werd Khadija zwanger. Ze weet niet wat de toekomst haar en haar baby zal brengen. ‘Als ik verdriet voel in mijn hart, dan huil ik soms en veeg ik mijn tranen weg.’

UNICEF werkt samen met families en gemeenschappen in de strijd tegen stigma’s en seksueel geweld. In 2016 heeft UNICEF in Nigeria al meer dan 180.000 kinderen psychologische begeleiding en ondersteuning geboden.

* Om de identiteit te beschermen, is de naam gewijzigd. De vrouwen op de afbeeldingen zijn niet Khadija. 

Gerelateerd aan dit onderwerp

Help kinderen in noodsituaties.

Doneer nu