Onderwijs is de enige hoop

24 november 2016

Falak (17) woont in een afgelegen dorpje op het platteland van Aleppo in Syrië. Ze is lang niet naar school geweest, maar heeft met een zelfstudieprogramma van UNICEF de verloren jaren kunnen inhalen.

Falak trouwde op haar veertiende en moest met haar man een paar keer vluchten voor het oorlogsgeweld. Vorig jaar keerde ze - zonder echtgenoot - terug naar huis. Daar gaf ze zich op voor een zelfstudieprogramma van UNICEF. Nu leert ze zodra het kan, tussen het schapen hoeden, land bewerken, koken en schoonmaken door.

"Ik ben bang voor oorlog," zegt Falak. "Maar nog meer voor onwetendheid en het gemis aan alles. Onderwijs is de enige hoop." Ze doet dan ook erg haar best. Falak en haar jongere zusje Azraa, die ook aan het programma meedoet, zijn met glans voor hun examen geslaagd.

Falak trouwde op haar veertiende. Samen met haar man heeft ze een paar keer moeten vluchten voor het oorlogsgeweld in Syrië. Ze is jaren niet naar school geweest.

Dankzij een zelfstudieprogramma van UNICEF kan Falak weer leren. Dat doet ze samen met haar zus, die net als zij goede cijfers haalt.

Falak trouwde op haar veertiende. Samen met haar man heeft ze een paar keer moeten vluchten voor het oorlogsgeweld in Syrië. Ze is jaren niet naar school geweest.

Dankzij een zelfstudieprogramma van UNICEF kan Falak weer leren. Dat doet ze samen met haar zus, die net als zij goede cijfers haalt.

Geen school, toch studeren

Veel kinderen in Syrië kunnen niet naar school, omdat ze in bijvoorbeeld moeilijk bereikbare of belegerde gebieden wonen. Ze krijgen van ons alternatieven aangeboden, zodat ze toch kunnen leren. Een voorbeeld daarvan is het zelfstudieprogramma waaraan Falak en Aura meedoen. Hiermee kunnen ze hun verloren schooljaren inhalen, de leerstof bijhouden en examen doen. 117.151 Syrische kinderen hebben dit jaar aan het programma meegedaan

Dramatische afname schoolgaande kinderen

  • In het schooljaar 2010/2011, vlak voor de oorlog in Syrië begon, gingen 5,5 miljoen kinderen naar school. Hun aantal nam daarna dramatisch af. In het schooljaar 2015/2016 volgden nog maar 3,7 miljoen Syrische kinderen onderwijs.
  • Een op de drie scholen (dat zijn er 7000) is dicht. Ze zijn vernield of worden gebruikt door ontheemden of gewapende groepen.
  • Meer dan 150.000 schoolmedewerkers - waaronder leraren - kunnen hun werk niet meer doen, omdat ze zijn ontheemd, gevlucht, gewond geraakt of gedood.
  • Een lichtpuntje: afgelopen schooljaar (2015/2016) konden dankzij UNICEF en haar partners meer kinderen naar school dan in het schooljaar ervoor (respectievelijk 3,7 miljoen en 3,2 miljoen kinderen).
  • UNICEF hield in september een grote 'Terug naar School' campagne. Binnenkort begint een nieuwe ronde voor het tweede semester dat in januari start. Tijdens deze campagne gaan 1200 vrijwilligers van deur tot deur om gezinnen aan te moedigen hun kinderen (weer) onderwijs te laten volgen. Als het kan gebeurt dat op school en anders via het zelfstudieprogramma.

Dit doen we ook:

  • We renoveren klaslokalen, creëren tijdelijke lesruimtes en zorgen voor schoolmeubilair en lesmaterialen, zoals boeken, schriften en pennen. Bovendien geven we scholen watervoorzieningen en toiletten.
  • Onderwijzers krijgen trainingen, zodat ze hun leerlingen kunnen waarschuwen voor onontplofte explosieven en hen psychosociale steun kunnen geven.
  • Daarnaast zorgen we in Syrië voor schoon water, voeding voor ondervoede baby's en jonge kinderen en medische en psychosociale zorg.
  • Kinderen zijn in noodsituaties extreem kwetsbaar. We zorgen daarom voor een veilige omgeving door plekken te creëren waar kinderen worden opgevangen en worden geregistreerd als ze hun ouders of verzorgers kwijt zijn. In deze 'Child Friendly Spaces' kunnen kinderen spelen en krijgen ze psychosociale begeleiding.

Gerelateerd aan dit onderwerp