Noodhulp voor 15.000 kinderen in Mosul

16 november 2016

Een door UNICEF geleid humanitair konvooi van meerdere hulpinstanties ging op zondag als eerste de Iraakse stad Mosul binnen. De vrachtwagens waren gevuld met voldoende noodhulpgoederen om 30.000 mensen waaronder minimaal 15.000 kinderen een maand in hun behoeften te voorzien.

Mosul

"UNICEF is voor de eerste keer in twee jaar tijd de stad Mosul binnengegaan", vertelt Hamida Ramadhani, vicedirecteur van UNICEF Irak." Dit gebeurde samen met het Wereldvoedselprogramma en het Bevolkingsfonds van de Verenigde Naties. Onze teams verplaatsen zich snel om de mensen die zijn geraakt door het geweld van onmiddellijke hulp te voorzien."

Hulpgoederen

Een konvooi van veertien voertuigen, waaronder acht vrachtwagens met hulpgoederen, kwam om half 10 uur in de morgen aan in Gogachly, een wijk in het oosten van Mosul. De goederen bestaan onder andere uit vijfduizend pakketten met waterzuiveringstabletten, voedingsrijke biscuits, jerrycans, emmers, hygiëneartikelen, zoals zeep, tandpasta en babyartikelen, waaronder luiers. Binnen zes uur waren alle spullen afgeleverd - dit met het constante lawaai van artillerievuur en explosies die vrijwel constant te horen waren op de achtergrond.

Sinds 17 oktober zijn 27.000 kinderen en hun families in en nabij Mosul ontheemd. In totaal gaat het om 56.000 mensen. Bijna 1,5 miljoen mensen zitten nog steeds vast in de stad, waaronder 600.000 kinderen.UNICEF heeft meer dan 30.000 kinderen bereikt met noodhulp in heroverde gemeenschappen, waaronder het oosten van Mosul.

Maryam (10) op haar broers fiets die volgeladen is met noodhulpgoederen van het hulpkonvooi. 

Gewenning

Myryam reageert niet als er links van ons een raket explodeert. Alhoewel de explosie overduidelijk niet vlakbij was schrik ik, en spring ik op. Myryam niet. "Wanneer er een bom afgaat, reageert ze niet", vertelt haar broer Mohammed. "Het doet haar niets. Het doet geen van ons allen meer iets, we zijn er aan gewend." Het lachtende meisje met lang bruin haar en heldere ogen zit op Mohammed's fiets, die op de stoep is geparkeerd. Ondertussen geniet ze van geheel nieuw uitzicht: 18 vrachtwagens met hulp die Mosul in komen rijden.Het konvooi parkeert op een van de belangrijkste routes buiten de stad. De hele dag komen er vervolgens families voorbij.  Sommigen in bouwvallige auto's, anderen te voet. Kinderen wankelend onder zware rugzakken. Anderen beladen kinderwagens vol spullen. Naarmate de middag vordert nemen de bombardementen weer toe. Twee bommen gaan af, eentje links van ons, en vervolgens ook eentje rechts.Maryam lijkt zich totaal niet bewust van het lawaai als ze een babypakket, een hygiëne kit en voedzame biscuits verzamelt - hulpgoederen voor haar familie. "Dit hebben we nodig, en dit," instrueert Mohammed, terwijl hij de dozen vastbindt op zijn bagagedrager. Maryam lijkt geen haast te hebben om te vertrekken. Ik vraag haar of ze kan fietsen. Ze zegt dat ze dat kan, maar dat ze er niet eentje heeft. "Misschien op een dag", aldus Mohammed.

Gerelateerd aan dit onderwerp