Beloofd is beloofd

20 november 2014

Vandaag precies 25 jaar geleden deed de wereld een belangrijke belofte aan al haar kinderen. Op 20 november 1989 nam de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties het Verdrag inzake de rechten van het kind aan.

Landen zouden alles doen wat in hun macht lag om kinderrechten te beschermen en na te leven. De 54 artikelen gebundeld in dit Kinderrechtenverdrag houden plichten in voor volwassenen. Zij zijn degenen die moeten zorgen dat kinderen vrij kunnen opgroeien en zich ontwikkelen.  

En met resultaat. Zo is de sterfte van kinderen onder de vijf jaar bijna met de helft afgenomen en is er 30 procent minder kinderarbeid dan 25 jaar geleden. Tegelijkertijd is er helaas weinig reden voor een feestje. Op dit moment staat de wereld in brand. In landen als Syrië, Zuid-Soedan, DR Congo en Irak lijden kinderen onder uitzichtloos geweld. Tientallen miljoenen kinderen groeien op in structurele oorlogssituaties of in landen die na een conflict weer overeind krabbelen. Of zijn gevlucht voor het geweld zoals Abdelfatah, een Syrisch jongetje dat met zijn hele familie in Libanon verblijft. Hij wil niets liever dan naar huis, zegt hij, maar dan zonder de bombardementen of schoten.

Sinds het begin van de oorlog in Syrië zijn al 1,6 miljoen kinderen gevlucht. Zij hebben dingen gezien en meegemaakt die geen kind zou moeten meemaken. Veel kinderen zijn hun ouders kwijt en wonen onder erbarmelijke omstandigheden in buurlanden als Libanon. Deze kinderen kunnen geen kind meer zijn: ze werken, jonge meisjes trouwen en kinderen nemen zware verantwoordelijkheden op in hun gezin of familie.

Gelet op de tientallen brandhaarden in de wereld is één artikel in het Kinderrechtenverdrag vandaag de dag actueler dan ooit, artikel 39. Hierin staat dat kinderen die slachtoffer zijn van oorlogsgeweld recht hebben op bijzondere zorg. Schoon drinkwater, sanitaire voorzieningen en goede voeding zijn natuurlijk de eerste behoeftes die geboden moeten worden aan kinderen in conflictsituaties. Maar dat is niet genoeg.  

Bijna alle kinderen in conflictgebieden laten heftige veranderingen zien in hun emoties, gedrag en gedachten. Ze zijn wanhopig en onzeker. De oorlog laat naast zichtbare ook onzichtbare littekens na. Er dreigt een verloren generatie op te groeien van kinderen die hun toekomst niet kunnen opbouwen, zonder goed onderwijs. Willen we dat voorkomen dan is hulp bij het verwerken van trauma's, aanvullend op noodhulp, noodzakelijk. Deze bijzondere zorg - vastgelegd in artikel 39 - in de vorm van psychosociale steun is een belangrijke, maar vaak vergeten component in humanitaire hulp. Er is simpelweg te weinig aandacht en geld voor. 

Psychosociale steun maakt kinderen weerbaarder. Het zorgt ervoor dat ze hun sociale capaciteiten leren stimuleren in moeilijke situaties. Het leert ze - ondanks de verliezen en slechte voorbeelden van geweld - omgaan met conflict. Het spreekt de sterke kanten van kinderen aan en speelt in op hun natuurlijke speelsheid, flexibiliteit en creativiteit. Kinderen moeten de kans krijgen om weer even kind te zijn, ook al zitten ze in een afschuwelijke situatie. Spelen, zingen, sporten en toneel onder professionele begeleiding helpen kinderen ontspannen en emoties te verwerken.

Kortom, psychosociale steun stelt kinderen in staat hun eigen toekomst met vertrouwen tegemoet te treden en vorm te geven. Zij zijn de volwassenen van morgen. Zij kunnen de cyclus van geweld doorbreken door te kiezen voor vrede in plaats van geweld.

Het is belangrijk dat we vandaag wereldwijd de 25e verjaardag van het kinderrechtenverdrag vieren, maar juist miljoenen van hen die het aangaat, profiteren er niet van. Als we onze kinderen in oorlogsgebieden alleen basisbehoeftes bieden, dan is het VN-Kinderrechtenverdrag over 25 jaar een dode letter. Wij humanitaire organisaties
kunnen noodhulp bieden waaronder hulp bij het verwerken van trauma's, maar ook
daaraan zijn grenzen. En we kunnen zeker geen conflicten oplossen.

Wij doen daarom een dringend beroep op alle wereldleiders om conflicten op te lossen en zich te houden aan internationale afspraken zoals het Kinderrechtenverdrag, inclusief artikel 39. Want vergeet niet: kinderen onthouden alles. We moeten vandaag onze beloftes waarmaken. Beloofd is beloofd.

Jan Bouke Wijbrandi (directeur UNICEF Nederland) en Bernard Uyttendaele (directeur War Child Nederland)

IVK2

IVRK4

IVRK3

IVR7