UNICEF-er Rolf Luyendijk in Afghanistan

18 juni 2012

Het land waar vrouwen bedekt over straat lopen, meisjes minder waard zijn dan jongens en waar nog steeds bomaanslagen gepleegd worden. Weinig mensen zullen graag naar Afghanistan afreizen, maar UNICEF-er Rolf Luyendijk doet er belangrijk werk.

Dag 1

Hallo, mijn naam is Rolf Luyendijk. Ik werk op het hoofdkantoor van UNICEF in New York op een afdeling die te vergelijken is met het Centraal Bureau van de Statistiek in Nederland. Mijn collega's en ik verzamelen de honderd belangrijkste statistieken over kinderen van de hele. Dat klinkt misschien enorm stoffig en saai, maar niets is minder waar. Want onze cijfers en analyses worden over de hele wereld gebruikt. Zoals laatst nog door Prins Willem-Alexander, toen hij na het toilet werpen op Koninginnedag zei dat er 2.6 miljard mensen geen toilet hebben. Wij houden zoal bij hoeveel kinderen er per jaar sterven in de wereld, hoeveel er hun vaccinaties gehad hebben, hoeveel kinderen er ondervoed zijn, hoeveel kinderen kinderarbeid verrichten of op straat leven en ga zo maar door. Het is enorm belangrijk om dat goed uit te zoeken, want zonder dergelijke informatie kun je niet zeggen of de situatie voor kinderen is verbeterd of juist verslechterd.

Spannend

Momenteel zit ik te wachten op mijn vlucht naar Istanbul en mijn aansluiting vannacht om 3 uur naar Kabul, Afghanistan. Tijdens een kort bezoek van drie dagen bespreken we met de Afghaanse overheid hoe ze beter kunnen bepalen hoeveel mensen er toegang hebben gekregen tot schoon drinkwater en sanitaire voorzieningen. Ik vind het best wel spannend na alles wat je over Afghanistan hoort, maar weet dat UNICEF er niet zou werken als er niet alles aangedaan was om de veiligheid van de VN medewerkers te waarborgen.

We vliegen over Afghanistan. Aan boord zijn nog drie Nederlanders, twee ex- Marechaussees die een jaar lang politiemensen gaan opleiden in Kabul en iemand die net bij de International Rescue Committee gaat beginnen voor twee jaar. Ik vind een drie dagen bezoek al spannend, laat staan een jaar of langer. Vanuit de lucht kun je goed zien dat mensen voornamelijk in de vruchtbare valleien wonen. De meeste huizen lijken ommuurd. De UNICEF auto (met hele zware gepantserde deuren) staat op het vliegveld op me te wachten. Daar gaan we dan. Eerst even laten weten aan "Charlie base" dat ik ben aangekomen en dat we vertrekken - standaard routine leer ik al snel.

Overal militairen en politie

Ik raak na twee minuten de tel kwijt hoeveel gewapende politiemensen en militairen er overal staan. Afghanen, maar ook veel Amerikanen. Plotseling zie ik drie schooljongetjes, ieder met een lichtblauwe UNICEF rugzak. We rijden naar de VNcompound. Voor we afslaan zie ik m'n eerste Mark III water pomp waar kinderen jerrycans vullen. UNICEF heeft aan de basis gestaan om deze succesvolle pomp over vijf continenten te verspreiden - honderdduizenden worden er over de hele wereld gebruikt.

Helm naast mijn bed

Na veel security checks zijn we eindelijk op de compound. Als bezoeker slaap ik in een van de containers met een bed, bureau, wc en douche . Het is zondag, maar er wordt hier gewoon zeven dagen per week gewerkt. Er komt meer dan 30 man naar de vergadering morgen op het Afghaanse Bureau van de Statistiek. Eerst mijnsecurity briefing. Ik krijg een kogelvrij vest en een blauwe helm die ik in mijn container moet houden, voor het geval dat. Even kort naar huis gebeld dat ik goed aangekomen ben en het allemaal wel meevalt.

Dag 2

Vandaag is het zondag, een werkdag in Afghanistan. Ik heb tot twee uur vannacht aan mijn presentaties gewerkt. Ik had nog wat recente gegevens gekregen van een nieuw UNICEF bevolkingsonderzoek. Gegevens die nog niemand eerder gezien heeft: latrines worden veel gebruikt, veel meer dan in India of Pakistan, en dat is goed nieuws! We krijgen plat Turks brood met pindakaas voor het ontbijt en dan gaan we op weg naar de vergadering.

"Charlie 923 gaat naar locatie 58- over".

Het bureau van de Statistiek ligt achter het presidentieel paleis dus heel veelcheckpoints. Het laatste stukje moeten we lopen tussen de betonnen versperringen en militairen. Een heel groot deel van de internationale hulp aan Afghanistan wordt gebruikt voor de salarissen van de overheid en alle veiligheidsmensen - bedenkelijk - maar er zullen vast hele goede redenen voor zijn. 

De vergadering begint. Hij wordt geopend door de directeur van het bureau - die de rang van Minister heeft - een goed teken! Kort en krachtige opening.  Hij vraagt me naar de belangrijkste punten van mijn presentatie want hij kan helaas niet de hele vergadering blijven. We lijken op een lijn te zitten wat betreft de verwachte uitkomst van de vergadering.

Ik ben aangenaam verrast over de goede kennis van zaken, het niveau van de discussies. Er is duidelijk goed voorwerk gedaan door mijn UNICEF collega's in Kabul - een Chinese, een Ethiopier en een Sudanees. We bereiken snel overeenstemming en nog voor de lunch doen de Afghaanse collega's van het bureau van de Statistiek een voorstel waar ik op gehoopt had. Collega's van het Ministerie van plattelandsontwikkeling en van het  Ministerie van Gezondheid vallen  bij en stemmen in met het voorstel. Spijkers met koppen, daar houd ik van. We gaan zorgen voor schoon water en sanitaire voorzieningen.

Water halen

Na de lunch laat ik de nieuwe gegevens van het bevolkingsonderzoek zien dat overheid met steun van UNICEF heeft uitgevoerd. Een verassende vondst was dat voor de rijkste families die geen drinkwater voorziening thuis hebben, in een kwart van de huishoudens kinderen jonger dan 15 jaar verantwoordelijk zijn om water te halen. Het blijken arme jongetjes te zijn die geen familie hebbem,  die worden betaald om water te halen. Ik hoop dat ze 's ochtends naar school gaan en alleen maar 's middags met water moeten zeulen.

"Charlie 923 komt terug naar Charlie base" - "over".

Ik word uitvoerig bedankt voor mijn komst en presentaties en neem ook afscheid van weer een Nederlander,  Leendert. Hij werkt voor een grote Deense organisatie en doet veel met UNICEF samen op het gebied van water en sanitatie. Hij woont hier al drie jaar.

Dag 3

Vandaag de laatste volle dag. We gaan naar de Pansjir Vallei, ten noorden van Kabul waar UNICEF water- en sanitatieprogramma's steunt. Een derde van de bevolking heeft er maar toegang tot schoon drinkwater en de latrines. Het duurt meer dan een uur om Kabul uit te komen. We ontwijken een brommer met vier koeienkoppen. Ze lijken te slapen en ik ben net te laat met mijn camera. Overal wordt er gebouwd in Kabul en langs de weg staan er wel 500 kraanwagens. Een van de grootste is van Gaffert BV uit Veghel. Hoe is dat ding in hemelsnaam in Kabul beland? Buiten Kabul wordt de lucht schoner en zien we de prachtige besneeuwde bergtoppen. Overal staan huizen, opgetrokken uit aarde. Als het hard regent spoelt er een laagje van je huis weg.

Bom in camera

Pansjir is het gebied waar Mujahedin- leider Ahmad Shah Massood vandaan kwam. Noch de Russen, noch de Taliban hebben daar ooit greep op gekregen. Hij werd opgeblazen door een groep die zich voordeed als een Arabische cameraploeg. De bom zat in de camera. Pansjir is de eerste provincie waar de Afghanen onlangs weer geheel zelf verantwoordelijk zijn voor de veiligheid. Ik mocht mijn helm en het kogelvrije vest in mijn container laten.

Vaccinaties

We stoppen bij de provinciale gezondheidsdienst om onze komst aan te kondigen. Juist om dit moment is er een campagne gaande om zo veel mogelijk kinderen in te enten tegen polio.

Gezondheidswerkers gaan op pad en moeten soms dagen lopen om bij verafgelegen dorpen te komen. Vorig jaar waren er twee poliogevallen in een naburig district van een andere provincie, dus men is extra alert.

Bill Gates

UNICEF is een van de belangrijke donoren van het polioprogramma, samen met de Rotary Club en een groot vaccinatiefonds dat voornamelijk gesteund wordt door Bill Gates. Later op de dag komen we overal kleine kinderen met blauwe inkt op hun pink tegen. Sommigen laten zien hoe ze de poliodruppels gehad hebben. Hoofdje naar achteren, mond open en slikken. "Het was niet eens vies".

Eindelijk komen we bij het eerste dorp dat we vandaag gaan bezoeken. De mannen van het dorpscomité ontvangen ons en gaan ons voor. Vrouwen zien ons aankomen en maken zich haastig uit de voeten. Volgende keer moeten we misschien een vrouwelijke collega meenemen. UNICEF heeft gezorgd voor de aanleg van een watersysteem met 27 kranen, verspreid over het hele dorp. Het dorpscomité laat weten dat kinderen minder ziek zijn nu er beter water is, er is alleen meer diarree als de moerbeien rijp zijn over een maand. Zijn dat de onrijpe moerbeien of de vieze handjes die niet genoeg gewassen worden? We vragen een jongetje van zo'n 8 jaar of hij weet wanneer hij zijn handen moet wassen. Direct geeft hij de drie goede antwoorden, en barst dan los in een liedje over handwassen dat UNICEF op scholen geïntroduceerd heeft. Zijn vriendjes vallen hem bij - twee meisjes staan op een afstandje te giechelen in hun schooluniform.

Ik ruik de latrine al van verre - een traditionele latrine met een gat in de zijkant om de poep eruit te scheppen. Menselijke uitwerpselen worden hier nog gebruikt als mest. De poep wordt bedekt met wat as of aarde en dan eens in de twee weken wordt het leeggeschept en op de akkers gegooid.

Koken op koeienpoep

De ergste stank blijkt te komen van koeienmest die in met de hand gevormde ronde plakken ligt te drogen op een muurtje in de zon midden in het dorp. Ik ken dit uit India. De droge poep wordt gebruikt om op te koken. Hier moet nog heel wat gedaan worden op het gebied van hygiëne, maar hoe verander je zo'n eeuwenoud gebruik?

Als laatste bezoeken we een handpomp, waar schoolkinderen hun plastic flessen komen vullen voordat ze naar hun nieuwe school gaan. De school heeft geen water want daarboven is er niets. Waarom dan de school daar gebouwd? "Er was geen andere plek". Kan UNICEF helpen met een put slaan? Er zijn tenslotte meer dan zeshonderd kinderen op school. Zo te zien meer meisjes dan jongens, een goed teken!

Het verhaal van Rolf in beeld

Afgh 1

Dit is een van de kranen in het dorp.

Afgh 2

Koeienpoep ligt in plakken te drogen. De droge poep en as worden uit de latrine geschept om als mest gebruikt te worden.

Reps

Esmaeil Ibrahim, Chief WASH uit Sudan; Rolf met traditionele Mujahedin muts (als souvenir); Siping Wang, Chief Monitoring en Evaluatie uit China en Adane Bekele, WASH specialist uit Ethiopie.

Pansjir

De mooie groene Pansjir vallei.

Latrine_binnen

De latrine van binnen gezien.

latrine_buiten

De latrine van buiten gezien.

containers

De wooncontainers voor bezoekers en consultants. De staff woont in een klein appartement met woon- en slaapkamer en een keukentje.

Schoolmeisjes

UNICEF schooltassen zijn uitgedeeld aan alle eerste en tweede klassertjes van de basisschool. Deze meisjes zijn al wat ouder, maar maken er goed gebruik van.

Waterpomp

De waterpomp waar de schoolkinderen hun flessen vullen.

Gerelateerd aan dit onderwerp