Overgrote deel SHO-actie Haïti naar noodhulp

29 november 2010

De SHO-deelnemers hebben tot nu toe 43 miljoen euro overgemaakt naar de uitvoerende organisaties op Haïti. Het overgrote deel van dit bedrag is besteed aan noodhulp.

Overgrote deel SHO-actie Haïti naar noodhulp

Door nieuwe rampen als de cholera uitbraak, en gevolgen van de orkaan Tomas, is de verwachting dat nog meer geld naar directe noodhulp als cholerabestrijding gaat. Hierdoor komt het geld dat bestemd is voor de wederopbouw mogelijk in gevaar.

Cholerabestrijding heeft nu de allerhoogste prioriteit. Naar verwachting zal de uitbraak over twee weken in Port-au-Prince op haar hoogtepunt zijn. Het Nederlandse Rode Kruis, Tear en Cordaid hebben dan ook aangegeven voor de bestrijding ervan SHO-geld in te zetten. Save the Children zal eigen middelen inzetten. Andere organisaties zoals UNICEF en Oxfam zullen binnen hun eigen internationale koepel extra geld gaan besteden aan de cholerabestrijding.

SHO-voorzitter Farah Karimi: "Het jaar is nog niet om, maar er is nu al een substantieel bedrag naar noodhulp gegaan en het eind is nog niet in zicht met de cholera. Zo blijft er minder geld over voor de wederopbouw. En die wederopbouw komt maar heel langzaam op gang, omdat nog steeds niet voldoende puin is geruimd en onvoldoende bouwgronden zijn aangewezen. Beide ontwikkelingen zijn zorgelijk."

Het Nederlandse publiek schonk destijds bijna 70 miljoen aan de Haïti-actie. De Nederlandse overheid stelde 41,7 miljoen euro ter beschikking aan de SHO-deelnemers, waarvan 12 miljoen euro is overgemaakt. Het overige bedrag, 29,7 miljoen euro, heeft het Ministerie van Buitenlandse Zaken gereserveerd voor de wederopbouw en komt pas vanaf 2012 vrij. De SHO-deelnemers hebben tot nu toe 43 miljoen euro overgemaakt naar de uitvoerende organisaties op Haïti. Dat is meer dan de helft van het geld dat zij tot hun beschikking hebben.

TentenFarah Karimi: "We beloofden destijds aan het Nederlandse publiek dat we niet alleen noodhulp zouden bieden, maar ook zouden werken aan de wederopbouw van het land. We hebben daarvoor een termijn gesteld van 3 tot 5 jaar. Er gaat nu veel geld naar directe noodhulp, maar we willen tegelijkertijd alle mogelijkheden benutten om de wederopbouw op gang te brengen, zoals de huizen die Cordaid bouwt in de buitengebieden als Leogane en nu ook in de hoofdstad Port-au-Prince. Maar ook de aanleg van structurele watervoorzieningen waar Oxfam mee bezig is. Of de bouw van scholen, volgens het plan van UNICEF en Save the Children. Er is nu ook meer puin geruimd, zodat de straten in Port-au-Prince beter begaanbaar zijn. Dit biedt hoop voor de bouw van meer nieuwe huizen in de hoofdstad zelf."

Bron: Samenwerkende Hulporganisaties

Gerelateerd aan dit onderwerp