Naar Haïti met de cheque van Loet

  • RSS - Nieuws
  • Twitter
  • Facebook
  • Hyves
  • Stuur door

UNICEF-medewerkers Lotte van ‘t End en Gemma Bennink zijn in december 2011, twee jaar na de aardbeving, naar Haïti gegaan. Het bood Lotte gelijk de kans om UNICEF daar het geld te overhandigen dat is ingezameld door de 9-jarige Loet Zagt uit Bunnik.  

Gemma_Lotte

Lotte (tweede van links) blogt hieronder over haar ervaringen in Haïti. Ze ziet twee jaar na de aardbeving nog veel problemen, maar ook tekenen van vooruitgang.

Dag 1 - zondag 11 december: bagage kwijt

Om vier uur opstaan is echt erg vroeg. Maar met het vooruitzicht dat we naar Haïti gaan, worden we toch vrolijk wakker. Na een tussenstop in Parijs en Guadeloupe - waar je met euro's kan betalen omdat het deel uitmaakt van Frankrijk - landen we 's avonds op Haïti. Door iemand van de VN-vredesmissie zijn we gewaarschuwd voor criminaliteit op het vliegveld. Ondanks deze criminaliteit benadrukte hij dat Haïti wel stabieler aan het worden is. Eenmaal op het vliegveld is het een grote chaos: de bagage van alle passagiers op onze vlucht is niet aangekomen. Gelukkig krijgen we van UNICEF schone t-shirts en tandpasta. Moe komen we aan in ons containerhotel. Omdat UNICEF Haïti zo druk is met het geven van humanitaire hulp en er ook heel veel mensen op bezoek willen komen, hebben we met onze collega's afgesproken dat we maar vier dagen komen  om hen zo min mogelijk te belasten. We gaan dus vroeg naar bed, want ons programma zit propvol.

Dag 2 - maandag 12 december: VN-vredesmissie, gratis onderwijs en onbezorgd spelen

jongen_rugzakOnze chauffeur Jacob brengt ons naar UNICEF, dat gevestigd is in containers op het terrein van VN-vredesmissie MINUSTAH. Alle humanitaire organisaties zijn  na de aardbeving verhuisd naar het MINUSTAH-terrein. Om de hoek van UNICEF zitten het Wereld Voedsel Programma (WFP) en het VN-ontwikkelingsprogramma (UNDP), ook in containers. Na onze security briefing- afgelopen vrijdag is de baas van de grootste bank in Haïti nog gekidnapt - gaan we skypen met Loet, het Nederlandse jongetje dat 5.815 euro voor de kinderen in Haïti heeft ingezameld. De baas van UNICEF Haïti - Francoise Gruloos-Ackerman - is er bij om alle vragen van Loet en zijn klasgenoten te beantwoorden. Francoise vertelt dat alle UNICEF-medewerkers na de aardbeving vier maanden in tenten hebben gewoond, terwijl ze heel hard aan het werk waren om iedereen te helpen. Nu zijn er gelukkig containers waarin ze kunnen werken. We praten onder andere over kinderen die hun ouders kwijt zijn geraakt door de aardbeving. Francoise vertelt dat UNICEF een speciale hotline heeft geopend waar kinderen naar kunnen bellen. Ze hebben al meer dan 10.000 telefoontjes ontvangen. UNICEF probeert deze kinderen met hun ouders te herenigen of - als dat niet lukt - om hen op te vangen in kleinschalige opvanghuizen. Francoise vertelt dat het ingezamelde geld van Loet ervoor zorgt dat UNICEF meer dan 500 rugzakken aan schoolgaande kinderen kan geven. In deze rugzakken zitten schoolspullen als schriften en pennen.

kleuters_etenNa het skypen springen we samen met Mariana - onze contactpersoon bij UNICEF Haïti - in de auto om naar de school 'Ecole National de Tabarre' te rijden. Hier krijgen meer dan 900 kinderen les. Na de aardbeving heeft UNICEF geholpen om deze school te bouwen. Daarnaast voorziet ze de leerlingen van schoolmaterialen en de leraren van training. UNICEF werkt hierbij nauw samen met het WFP: tussen de middag krijgen de kinderen te eten. Dit zorgt er ten eerste voor dat ze niet ondervoed raken (voor sommige kinderen is dit de enige maaltijd die ze op een dag krijgen) en ten tweede dat ze beter kunnen leren. Want wie kan er nou opletten als je honger hebt?

Op deze school maakte President Martelly ook zijn nieuwe beleid op het gebied van onderwijs bekend: tienduizenden kinderen konden vanaf het begin van het schooljaar (oktober 2011) gratis naar school. UNICEF heeft Martelly geadviseerd op dit gebied en geholpen bij de bekendmaking van deze maatregel.

drummenWe lunchen op het terrein van de VN-vredesmissie. Het is heel interessant om alle betrokkenen bij elkaar te zien:  blauwhelmen, humanitaire organisaties, enzovoort, enzovoort. Er werken op deze basis ongeveer 20.000 mensen van verschillende nationaliteiten. Na de lunch gaan we naar zogenaamde Child Friendly Spaces (CFS). Dit zijn plekken waar kinderen - onder psychosociaal toezicht - na schooltijd kunnen spelen, knutselen en muziek maken. UNICEF werkt samen met War Child Canada om dit zo goed mogelijk van de grond te krijgen. Zelf mogen we even meedoen aan de drumles, waar een jong meisje de show steelt omdat ze alle grote jongens er helemaal uitdrumt. De kinderen hebben aangegeven dat ze heel graag huiswerkbegeleiding willen op de CFS. Thuis hebben ze geen licht, geen pennen en er is vaak niemand die hen het huiswerk kan uitleggen als ze het niet snappen. UNICEF en War Child Canada zijn nu aan het onderzoeken hoe ze die huiswerkbegeleding zo goed mogelijk kunnen geven.

Na zoveel indrukwekkende projecten doen we het 's avonds rustig aan en gaan we eten op het terrein van de VN-vredesmissie.

Dag 3 - dinsdag 13 december: ondervoeding en steen-voor-steen-wederopbouw

babyOp de derde dag van ons bezoek gaan we 's ochtends naar een gezondheidskliniek. De kliniek ligt vlakbij een kamp voor ontheemden. Verspreid over de stad liggen ongeveer 900 kampjes waar meer dan 500.000 mensen na de aardbeving zijn gaan wonen. De omstandigheden zijn zwaar: er zijn geen goede sanitaire voorzieningen, er is weinig schoon water en er is veel seksueel geweld. Ook volgde op de aardbeving een babyboom. Om al deze redenen is het heel druk in de gezondheidskliniek. Rijen vrouwen (en soms een enkele man) wachten met hun baby op hulp. UNICEF helpt deze kliniek op het gebied van ondervoeding: ondervoede kinderen worden gewogen, krijgen extra voeding en worden gedurende drie maanden wekelijks in de gaten gehouden. De ernstigste gevallen moeten naar het ziekenhuis, zodat ze daar een tijdje kunnen worden opgenomen en continu in de gaten kunnen worden gehouden. Maar liefst 20 procent van de kinderen is ondervoed. Dat is een heel naar idee als je al die kleine kindjes ziet wachten op hulp.

UNICEF legt veel nadruk op de duurzaamheid van de kliniek: ook na de steun van UNICEF moet die zelfstandig verder functioneren. Dit gaat steeds beter en UNICEF en haar partners hebben er daarom vertrouwen in dat dit gaat lukken. UNICEF zal zich daarna kunnen focussen op andere problemen: bijvoorbeeld op die in de plattelandsgebieden. Die zijn minder getroffen door de aardbeving dan de hoofdstad Port-au-Prince, maar hebben wel grote problemen op het gebied van onder andere ondervoeding.

meisje_bus's Middags bezoeken we een getroffen gebied om te kijken hoe het daar is gesteld met de watervoorziening. Het is heel erg heet en terwijl wij de grootste moeite hebben om via een slecht begaanbaar pad een heuvel op te lopen, worden we ingehaald door kinderen, vrouwen en mannen met bakstenen op hun hoofd. Ze zijn hun huizen weer aan het opbouwen na de aardbeving en dat gaat letterlijk steen voor steen. Ook aan de watervoorziening wordt nu hard gewerkt. Vóór de aardbeving stonden hier zogenaamde waterkiosken . De bedoeling was dat een groep dorpsbewoners zou toezien op een goede en duurzame verspreiding van het water. Over alle aspecten was nagedacht: de kiosken waren strategisch geplaatst, de prijs van het water was laag en iemand uit de gemeenschap zou het water uitdelen, zodat deze methode ook werkgelegenheid zou opleveren. De aardbeving vormde echter een probleem: mensen waren zo naarstig op zoek naar onderdak dat ze in de waterkiosken zijn gaan wonen. Deze mensen zouden eerst moeten verhuizen, om het watersysteem aan de gang te krijgen. En het is natuurlijk heel moeilijk om degenen die bijna niets hebben, te laten verhuizen. Het lokale managementteam van de waterkiosken en de gemeenschap zelf zijn hard aan het nadenken over een oplossing. UNICEF en haar partners verwachten dat die eind juni gerealiseerd zal zijn. De hele gemeenschap zal dan eindelijk toegang tot schoon water hebben!

Dag 4 - woensdag 14 december: vaccinaties en kampen

kliniekOnze laatste dag is goed volgepland. Eerst bezoeken we een ziekenhuis, waar UNICEF meewerkt aan de vaccinatie van de allerkleinsten. UNICEF staat in veel landen bekend om haar expertise op dit gebied. Na de prik krijgen de kleintjes een ballon als beloning. Mariana is net na de aardbeving voor het laatst in dit ziekenhuis geweest. Toen lagen er rijen mensen op de grond op hulp te wachten. Nu is het er geordend en opgeruimd - een veelbelovend teken dat de wederopbouw van Haiti op gang komt. Ook wordt er hard gebouwd in het ziekenhuis, om ruimte te maken voor meer kinderbedjes. Helaas blijven veel kinderen ondervoed. De ernstigste gevallen van ondervoeding verblijven in het ziekenhuis, zodat ze continu in de gaten kunnen worden gehouden. We mogen even bij deze kinderen gaan kijken en raken helemaal vertederd: kinderen die ondervoed zijn, hebben vaak een groeiachterstand. Hierdoor lijken ze in hun bedjes wel heel klein.

Medewerkers van het ziekenhuis vertellen ons dat er na de aardbeving grote vaccinatiecampagnes zijn gehouden - een resultaat van de samenwerking tussen de overheid van Haïti, de Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO) en UNICEF. Het probleem met vaccinaties is echter, dat deze herhaald moeten worden voordat ze effectief zijn. En dat is een probleem in de vluchtelingenkampen: het is lastig te achterhalen welke kinderen wanneer en waarvoor zijn gevaccineerd. Een onderzoek van het ziekenhuis wees uit dat nog steeds 70 procent van de kinderen niet voldoende is gevaccineerd. Daarom hebben UNICEF en het ziekenhuis besloten dat er mobiele teams moeten komen die de vaccinaties in de kampen gaan uitdelen. Op dit moment worden doktoren en zusters hiervoor getraind en in  januari zullen de teams de kampen ingaan om de overige 70 procent te vaccineren.

gemma_bibliotheek's Middags gaan we een vluchtelingenkamp in. Strikt genomen is dit een IDP (Internally Displaced Person) kamp. De grootste humanitaire noden na de aardbeving zijn grotendeels verholpen. Het probleem van de IDP's echter nog niet, omdat het een heel hardnekkig probleem is. Na de aardbeving zijn veel huizen verwoest en zochten de mensen steun bij elkaar. Ze zijn samengekomen op alle grote open plekken in Haïti: in parken, in de tuin van het huis van de president en ga zo maar door. Waar je ook rijdt, overal kom je tenten tegen van de vluchtelingen. Na de aardbeving woonden 1,3 miljoen mensen in deze kampen, nu zijn dit er nog ruim 500.000. Nog steeds erg veel, maar er is dus gelukkig wel grote vooruitgang geboekt. Het herhuisvesten van mensen is echter een complex probleem: hun huizen zijn ingestort of al ingenomen door anderen. De meeste Haïtianen hebben geen werk (er is meer dan 80 procent werkloosheid) en daardoor hebben ze geen geld om zelf huizen te bouwen. Sommigen hadden het voor de aardbeving al zwaar en hebben nu veel baat bij de voorzieningen in de kampen: er is eten, onderwijs en water. Zaken die thuis niet per se aanwezig waren. Om het probleem met de vluchtelingen op te lossen, heeft de overheid besloten dat ze voortaan geen zaken als voedsel, onderwijs en water meer zal uitdelen, zodat mensen vanzelf zullen vertrekken uit de kampen.

Op papier klinkt dit als de enige oplossing. Tot we in een kamp aankomen, waar we een kliniek bezoeken die allerlei voorzieningen biedt. Er is eten, er is een arts, er wordt ORS uitgedeeld - cruciaal in de bestrijding van cholera en diarree. Daarnaast behandelt de kliniek ondervoede kinderen met Plumpy'nut (een zeer voedzame notenpasta) en andere aansterkende middelen. En er is een 'baby space' waar vrouwen in een beschermde omgeving borstvoeding kunnen geven en hun baby voor een paar uur kunnen achterlaten bij een oppas, zodat ze op zoek kunnen naar werk of eten.  

Buiten de kliniek staan politie-agenten van de VN-vredesmissie. Omdat er zoveel seksueel geweld in de kampen is, is de politie zeven dagen per week, 24 uur per dag aanwezig en op patrouille. Ze vertellen ons zelfs dat als ze een uur niet patrouilleren, er binnen dat uur een verkrachtig plaatsvindt. Vrouwen in deze kampen zijn echt heel kwetsbaar. Reden genoeg om maatregelen te nemen: meer licht in de kampen, wc's verspreid door het kamp, veilige ruimten voor borstvoeding en politiesurveillanten zijn enkele praktische voorbeelden van effectieve maatregelen.

En als je dit allemaal hoort, ziet en leest… dan vraag je je af of het wel echt zo'n verstandige oplossing is om al deze services te stoppen om zo ervoor te zorgen dat mensen de kampen verlaten.

Dag 5 - donderdag 15 december: en wat vinden we er nu eigenlijk van?

meisjes_klasVandaag staat in het teken van de terugvlucht. Tijdens zo'n lange vlucht is er tijd genoeg om onze indrukken te bespreken. Conclusie is dat de aardbeving verschrikkelijke gevolgen heeft gehad. Dat hoor en zie je aan alles. Onze contactpersoon Mariana werkte in Haïti voor, tijdens en na de aardbeving. Zij heeft ook twee vrienden verloren en vier maanden in tenten geleefd, simpelweg omdat ze niet terug durfde te gaan naar huis. Zulke persoonlijke verhalen zijn heel indrukwekkend en gaan je eigen beleveniswereld te boven. Gelukkig zijn er wel veel tekenen van wederopbouw, al gaat die langzaam. Huizen worden gebouwd - letterlijk steen voor steen. Lokale organisaties zijn in staat om zelf hulp te bieden. En er zijn al 1,1 miljoen mensen weggetrokken uit de kampen… nu de overige 500.000 nog.

UNICEF zal in 2012 werken aan de overgang van noodhulp naar langdurige ontwikkeling. Want dat is zeker nodig om het aardbevingsgevoelige Haïti voldoende veerkracht te geven om een volgende ramp het hoofd te kunnen bieden.

Loet Zagt (9) voerde actie voor Haïti


lotte_en_loet_kleinDe 9-jarige Loet Zagt uit Bunnik heeft actie gevoerd voor de kinderen in Haïti. Samen met zijn klasgenoten haalde hij met een leesmarathon 5.815 euro op. Loet zou samen met UNICEF het geld naar Haïti brengen, maar uit veiligheidsoverwegingen ging dat helaas niet door. UNICEF-medewerkers Lotte van 't End en Gemma Bennink hebben de cheque daarom meegenomen op hun reis naar Haïti. Loet en zijn klasgenoten konden de overhandiging van de cheque volgen via een Skype-verbinding en Lotte heeft bovendien in de klas van Loet verteld over haar reis. Zo konden alle kinderen met eigen ogen zien hoe het nu gaat met hun leeftijdgenootjes in Haïti.

Tweets van UNICEF-medewerker Lotte van 't End

Naar school in Haïti

Met dank aan Loet en zijn klasgenoten!

Etenstijd op school

Op bezoek in een (overvolle) kliniek

Steen voor steen

Een gekraakte waterkiosk

Op bezoek in een van de opvangkampen

Een veilige plek voor moeders en kinderen

Potje voetbal met de bal van Loet

Veiligheid in opvangkampen een probleem