Noodhulp

  • RSS - Nieuws
  • Twitter
  • Facebook
  • Hyves
  • Stuur door

Noodsituaties hebben een groot effect op kinderlevens.  Natuurrampen en conflicten zorgen jaarlijks in veel landen voor grote chaos met grote humanitaire consequenties.

Conflicten en rampen hebben ook een langdurige, negatieve uitwerking op kinderen. Kinderen raken soms hun huis en familie kwijt, raken ondervoed en worden ziek, kunnen vaak niet meer naar school en staan bloot aan fysiek en psychisch geweld. Het bijstaan van kinderen in noodsituaties is een kerntaak van UNICEF.

Enkele feiten:

  • In 2010 ondervonden wereldwijd 217 miljoen mensen de gevolgen van conflicten en rampen. Hiervan waren 30 miljoen kinderen jonger dan 5 jaar.
  • Het aantal rampen is in de afgelopen 20 jaar verdubbeld van 200 naar 400 per jaar. Het aantal overstromingen is zelfs verviervoudigd.
  • Onstabiele situaties zorgen voor de helft van de sterfgevallen bij kinderen onder de 5 jaar. Ze zijn ook verantwoordelijk voor het feit dat meer dan de helft van de kinderen die bij rampen zijn betrokken langere tijd niet naar school gaan.
  • In het laatste decennium is het aantal mensen getroffen door klimaatgerelateerde rampen verdrievoudigd.

Wat doet UNICEF?

Om goed voorbereid te zijn en de risico's voor kinderen en vrouwen zoveel mogelijk te beperken, werkt UNICEF samen met nationale en lokale overheden en andere partners. UNICEF geeft in noodsituaties directe hulp aan kinderen op het gebied van:

  • Gezondheidszorg: door (tijdelijke) gezondheidscentra op te zetten, medisch personeel te trainen, kinderen in te enten en medicijnen uit te delen.
  • Voeding: door (tijdelijke) voedingscentra op te zetten, medisch personeel te trainen, ondervoede kinderen extra voedingssupplementen en voeding te geven en door een systeem op te zetten om ondervoede kinderen te kunnen identificeren.
  • Water, sanitaire voorzieningen en hygiëne: door voor schoon drinkwater te zorgen, (tijdelijke) sanitaire voorzieningen te bouwen en hygiëne te promoten.
  • Hiv en aids: door hiv-tests uit te voeren, voorzieningen op te zetten en medicijnen uit te delen.
  • Kinderbescherming: door plekken te creëren waar kinderen kunnen worden opgevangen en geregistreerd (als ze hun ouders of verzorgers kwijt zijn), waar ze begeleiding krijgen en - indien nodig - psychosociale zorg.
  • Onderwijs: door (tijdelijke) scholen te bouwen, leraren te trainen en onderwijsmateriaal uit te delen.

Ook is UNICEF zeer actief in het coördineren van noodhulp. Als onderdeel van de Verenigde Naties coördineert UNICEF in noodsituaties hulp op het gebied van voeding, water, sanitaire voorzieningen en hygiëne, kinderbescherming en onderwijs.

Enkele voorbeelden van noodhulp in 2010 en 2011, waarbij UNICEF Nederland betrokken was:

  • Na de aardbeving in Haïti heeft UNICEF een grootscheepse noodhulpactie opgezet.
  • In Zimbabwe hield UNICEF een grootschalige inentingsactie tegen mazelen om een epidemie te voorkomen.
  • Na de etnische onrusten in het zuidwesten van Kirgizië heeft UNICEF noodhulp geleverd (onderdak, drinkwater en voeding) aan mensen die in Kirgizië zelf op de vlucht waren, of die naar Oezbekistan waren gevlucht.
  • UNICEF heeft noodhulp verleend aan de door overstromingen getroffen bevolking in grote delen van Pakistan.
  • Tijdens de voedselcrisis in de Hoorn van Afrika en de Sahel voorkomt UNICEF acute ondervoeding bij kinderen door hen te behandelen met therapeutische voeding.

Wat hebben we bereikt?

In 2010 heeft UNICEF onder andere het volgende bereikt:

  • In 98 landen werd noodhulp verleend na 290 rampen.
  • Wereldwijd zijn 20,6 miljoen geïmpregneerde muskietennetten en 116 miljoen mazelenvaccinaties uitgedeeld. Meer dan 38 miljoen kinderen kregen hulp op het gebied van gezondheidszorg. Meer dan 15 miljoen kinderen werden geholpen met voedingssupplementen en aanvullende therapeutische voeding. Ruim 15 miljoen kinderen kregen water, toegang tot sanitaire voorzieningen en voorlichting over hygiëne en meer dan 800.000 kinderen werden geholpen met hiv-tests en medicijnen.
  • Meer dan 8,5 miljoen kinderen kregen toegang tot (tijdelijk) onderwijs en onderwijsmaterialen.
  • Na de aardbeving in Haïti kregen 680.000 mensen schoon drinkwater, werden 1.9 miljoen kinderen ingeënt en konden 720.000 kinderen naar school.
  • In Pakistan werd na de overstromingen schoon drinkwater uitgedeeld aan 3,2 miljoen mensen, kregen 500.000 families geïmpregneerde muskietennetten en werden 220.000 kwetsbare kinderen en vrouwen opgevangen in kindvriendelijke ruimtes.

Samenwerkende Hulporganisaties (SHO)

In Nederland vormt UNICEF samen met andere hulporganisaties de Samenwerkende Hulporganisaties (SHO). Deze organisaties kunnen bij grote rampen besluiten om gezamenlijk actie te voeren. UNICEF is tot medio 2013 actiecoördinator van de SHO.

Deelnemers van de SHO zijn: ICCO & Kerk in Actie, Cordaid Mensen in Nood, Nederlandse Rode Kruis, Oxfam Novib, World Vision, Tear, Save the Children, Terre des Hommes en UNICEF Nederland.


UNICEF steunen?

UNICEF Nederland ondersteunt momenteel noodhulpprojecten in onder andere Haïti, Pakistan, de Hoorn van Afrika, Libië, Ivoorkust, Congo, Afghanistan, Sri Lanka, Somalië, Tadzjikistan, Colombia en Zimbabwe. Wilt u rechtstreeks bijdragen aan noodhulpprogramma's van UNICEF? Maak dan uw gift over op giro 2768 ten name van UNICEF Nederland te Voorburg onder vermelding van code 530228. Natuurlijk kunt u ook doneren aan UNICEF zonder een specifiek thema te kiezen. U kunt uw bijdrage storten op giro 121. Hiermee steunt u al het werk van UNICEF.

Kinderen in noodsituaties

Boekje over werkwijze van UNICEF in noodsituaties

UNICEF heeft in het boekje 'Core Commitments for Children in Emergencies' vastgelegd hoe zij te werk gaat in noodsituaties. De hulp is verdeeld in clusters, zoals die voor water, sanitaire voorzieningen en hygiëne en onderwijs. Ook wordt uitgelegd wat UNICEF doet in de eerste zes tot acht weken na een noodsituatie en wat er in de eerste fase van de wederopbouw wordt gedaan.