UNICEF-medewerker Jean Lokenga
‘Wat kan ik doen om iedere dag een kind te redden?’
Jean Lokenga is hoofd kinderbescherming van het UNICEF-kantoor in Benin. Hij kan de cijfers zo uit zijn mouw schudden: 650.000 kinderen in Benin worden uitgebuit, dat is 34 procent van het totaal aantal kinderen in dit land.
Maar voor hem blijft het niet bij cijfers en percentages alleen. Jean ontmoet dagelijks kinderen die de statistieken een gezicht geven. Ze werken bijvoorbeeld als sloofjes, op de markt, in steengroeves, in de bouw, in de prostitutie en in de landbouw.
Grote vraag naar hulpjes in de huishouding

"Neem bijvoorbeeld de sloofjes, die hier 'Vidomègon' heten," zegt Jean. "Het was in Benin lang de gewoonte dat arme gezinnen hun kinderen bij familie in de stad onderbrachten, zodat die daar een goede verzorging kregen en naar school konden gaan. De afgelopen decennia is deze traditie door de toenemende armoede veranderd. Kinderen komen nu naar de stad om daar voor anderen te werken, van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat. Er is grote vraag naar hulpjes voor in de huishouding en dat zijn vooral meisjes."
Seksueel misbruik
De sloofjes moeten niet alleen hard werken, ze zijn ook regelmatig het slachtoffer van seksueel misbruik en geweld. UNICEF zorgt ervoor dat deze kinderen hulp krijgen en naar school kunnen of een opleiding kunnen volgen.
Meer dan werk alleen
Voor Jean Lokenga is zijn werk voor UNICEF meer dan werk alleen. "Als ik naar mijn kinderen kijk, denk ik: stel je voor dat zij op hun vijfde of zesde jaar dag in dag uit zwaar werk zouden moeten doen. Elke dag… Wat kan ik doen om iedere dag een kind te redden uit zo'n situatie? Mijn wens is dat straks alle kinderen onder de 14 jaar niet meer werken, maar naar school kunnen gaan."
Kinderarbeid in Benin
- 34 procent van alle kinderen in Benin, dat zijn er 664.537, werkt.
- Van deze werkende kinderen zijn 67.437 kinderen het slachtoffer van kinderhandel. Dat is 3,5 procent van het totaal aantal kinderen in Benin.
- 85 procent van de verhandelde kinderen zijn meisjes. 90 procent van de verhandelde kinderen blijft in Benin, 10 procent gaat naar het buitenland.




