Renate Verbaan in Ivoorkust
Op 20 november, de Dag voor de Rechten van het Kind, presenteren UNICEF en National Geographic Channel een bijzondere documentaire. Het is een verhaal over hoop, stil verdriet, een verborgen virus en de liefde van een moeder voor haar kind. Renate Verbaan, tv-presentatrice en zelf moeder, neemt ons mee naar Ivoorkust, waar elk jaar duizenden baby's worden geboren met hiv. Een dodelijk virus dat zij kregen van hun moeder.
"Het komt frontaal binnen
en raakt me bijzonder hard." (Renate Verbaan)
Stadskliniek Belleville in Bouaké steekt schril af tegen de
omliggende huizen van de wijkbewoners. Het oogt er schoon en
georganiseerd. Er lopen verpleegsters en artsen rond en bijna
dertig zwangere vrouwen wachten er geduldig op wat komen gaat. Ze
zijn voor het eerst naar de kliniek gekomen om te laten onderzoeken
of alles goed gaat met hun zwangerschap. En om informatie te
krijgen.
Een verpleegster vraagt of ze wel eens hebben gehoord van 'hiv en
aids'. Het blijft stil, niemand steekt z'n vinger op. Het taboe is
te groot. Je spreekt niet over het virus, want erkennen dat je het
kent, is bevestigen dat je het bij je draagt. Dus is het beter om
erover te zwijgen. De kans is te groot door anderen gebrandmerkt of
zelfs verstoten te worden. Met alle gevolgen van dien.
"Ik vond het heel bemoedigend dat er een aantal vrouwen was dat met
mij over hiv en aids wilde praten. Een vrouw zei: 'luister, ik heb
niets, ik heb geen geld. Het enige dat ik kan doen om de
verspreiding van het virus tegen te gaan, is erover praten.' Haar
hoop is mijn hoop, " zegt Renate.
Alleen door te praten over het virus, kan het taboe worden
doorbroken. Dan zullen meer vrouwen de eerste stap durven zetten en
zich laten testen.
UNICEF organiseert daarom samen met lokale organisaties
voorlichtingsbijeenkomsten in klinieken en dorpen, waar open wordt
gesproken en gediscussieerd over hiv en aids, en waar iedereen
welkom is.
Testen
Een van de zwangere vrouwen in Belleville stapt een kleine kamer
binnen. Ze wil zich laten testen. De zuster legt uit wat er gaat
gebeuren. Ze zal in haar vinger prikken en een kleine druppel bloed
afnemen op een vloeipapiertje. Na vijf minuten zal duidelijk zijn
of de hiv-test positief of negatief is. Dat is niet alleen
belangrijk voor haarzelf om te weten, maar ook voor haar ongeboren
kind. Want mocht de uitslag positief zijn, kan met de juiste zorg
en medicijnen toch met 98 procent zekerheid worden voorkomen dat
zij het virus op haar baby overdraagt.
Renate: "Als een moeder tijdens haar zwangerschap hoort dat ze
hiv-positief is, is haar grootste nachtmerrie dat ze haar kind niet
kan zien opgroeien."
Na een paar minuten wordt duidelijk dat de vrouw het virus niet bij
zich draagt. Voor haar is een behandeling gelukkig niet nodig. Maar
in Ivoorkust is 1 op de 20 jonge zwangere vrouwen wel seropositief,
en komen - geheel onnodig - jaarlijks nog tussen de dertien- en
zestienduizend baby's met hiv ter wereld.
Hoop
"Er is hoop, er worden successen behaald," zegt Renate. "Het is
te doen, we kunnen met elkaar een hiv-vrije generatie
bewerkstelligen. Als de mensen die hier wonen en leven en zoveel
ellende meemaken nog hoop hebben, dan zou het wel verschrikkelijk
zijn als wij dat niet hadden."
UNICEF werkt in Ivoorkust samen met de overheid en lokale partners
aan het voorkomen van de overdracht van hiv van moeder op kind. Het
hulpprogramma bestaat uit verschillende onderdelen zoals preventie,
voorlichting en behandeling. Inmiddels loopt het preventieprogramma
in 300 van de 900 gezondheidsklinieken in het land. UNICEF wil dit
uitbreiden.
UNICEF en de aidsepidemie
Behalve het voorkomen van de overdracht van hiv van
moeder op kind en het zorgen voor aidsremmers voor vrouwen en
kinderen die hiv hebben, kent het UNICEF-beleid in de strijd tegen
hiv en aids nog twee andere belangrijke thema's: voorlichting en
bescherming.
Via UNICEF krijgen kinderen en jongeren op grote schaal voorlichting over hiv en aids. Daarnaast helpen we kinderen die er als gevolg van de aidsepidemie alleen voor staan (denk aan aidswezen), en kinderen die vanwege hun hiv-status worden buitengesloten.




